In deze richtlijn verstaan we onder burgerhulpverlener, oftewel de first responders, personen die geen professionele zorghulpverlener zijn (en geen BIG-registratie hebben). De first responder is al dan niet in georganiseerd verband of beroepsmatig betrokken bij de uitvoer van reanimaties bij slachtoffers met een circulatiestilstand.
Een zorgprofessional ingezet via het oproepsysteem HartslagNu valt dus niet onder deze richtlijn.
Inzet van first responders bij reanimaties kan leiden tot een snellere start van de inzet van de reanimatiebehandelingen en daarmee de overlevingskansen van patiƫnten mogelijk aanzienlijk verbeteren.
Het starten of niet starten van een reanimatie
First responders starten altijd met een reanimatie bij een (vermeende) circulatiestilstand, tenzij:
- Er gevaar is voor de first responder zelf
- Overduidelijk is dat een reanimatiepoging niet zinvol is, bijvoorbeeld bij lijkstijfheid, onthoofding, ontbinding of verkoling van het gehele lichaam. Indien hier twijfel over bestaat, dient een reanimatie te worden gestart.
- Wanneer een naar het slachtoffer te herleiden wilsverklaring wordt aangetroffen waaruit blijkt dat het slachtoffer niet gereanimeerd wil worden. Tijdens of voorafgaand aan de reanimatie wordt door first responders niet actief gezocht naar wilsverklaringen, zoals penningen of papieren versies. Op deze manier wordt onnodige vertraging in het starten van een reanimatie voorkomen en de kans op overleving vergroot.
